Kodo betekent letterlijk "de weg van de geur." Samen met chado (teeceremonie) en ikebana (bloemschikken), is dit een van de drie belangrijkste klassieke kunsten die een welopgevoede vrouw moest beheersen. Kodo is misschien de minst bekende van de drie, maar tegenwoordig is zijn moderne neef, aromatherapie, enorm populair. Bij het beoefenen van kodo plaatst men een mica plaatje bovenop gloeiende kolen waarop dan de wierook of geurend hout wordt geplaatst. Het hout wordt dus niet verbrand, maar geeft zijn geur af op een zeer subtiele manier.

Het lijkt hier vooral om de sensatie van de geur te gaan, maar het geheim van kodo ligt in het ‘luisteren’. Deelnemers aan kodo ‘ruiken’ niet (het Japanse werkwoord ‘kagu’) maar luisteren (‘kiku’) eerder naar de geur van het hout, zodat ze niet zozeer hun neus maar eerder hun hart en ziel openstellen. Moderne westerse psychologen en therapeuten weten alles over de kracht van geuren, hoe een geur een persoon ogenblikkelijk kan terugbrengen naar een gebeurtenis in hun kindertijd. In Japan is het branden van wierook en het appreciëren van speciaal geurend hout al eeuwenlang in gebruik om mensen naar een ander spiritueel niveau te brengen.
Geurend hout is volgens de overlevering eerst gebruikt in Boeddistische rituelen in de Nara Periode (710-794). Aangezien zulk natuurlijk geurend hout erg zeldzaam is en het eeuwen kan duren voor het zijn geur verkrijgt, werd wierook uitgevonden en gebruikt. Net zoals met de wierook die in kerken gebruikt wordt, dacht men dat het reinigende eigenschappen had. Zelfs vandaag nog wordt het gebruikt om de lange houten herinneringstabletten te reinigen die aan de overledenen geofferd worden tijdens een begrafenis.

De geuren van kodo zijn ondergebracht in rikkoku gomi (letterlijk zes landen, 5 smaken).
De rikkoku zijn zes soorten geurend hout: kyara, rakoku, manaka, manaban, sumatora, en sasora.
De gomi zijn de smaken amai (zoet), nigai (bitter), karai (heet), suppai (zuur), shio karai (zout).
In staat zijn om een bepaalde geur te analyseren in deze verschillende elementen vraagt jaren oefening en een zeer delicate reukzin.
Sinds de Muromachi Periode (1336-1573), werd gezegd dat kodo tien fysieke en psychologische voordelen of waarden heeft:

Net zoals bij de tee ceremonie komen beoefenaars van kodo samen in een kamer, in een tatami kamer (traditionele kamer met rijstmatten) in een privé huis of tempel. Ze zitten in formele seiza stijl (die al snel oncomfortabel wordt voor wie dit niet gewend is), en proberen om beurten te raden welke geur geprepareerd wordt door de komoto, de persoon die de wierook brandt. Ze houden de wierookbrander in een hand, vangen de delicate rook met de andere hand en wuiven ze naar hun gezicht toe. Het raden van de geur lijkt op een spel, maar kodo beoefenaars nemen deze kunst zeer ernstig en wijden er tientallen jaren van hun leven aan.

Wenst u meer informatie, stuur dan gerust een mailtje naar info@japanscentrum.be
of bel: 0475 270 870